Onderwijsonderzoek

Doelbewuste training: de maakbaarheid van het menselijk brein

Geschreven door Wessel Peeters

Is het als school wel juist om het te hebben over het ‘ontdekken van je talenten’? Met de komst van steeds betere manieren om de hersenen te onderzoeken is er binnen het onderwijs ook steeds meer aandacht voor neurowetenschappen. We komen door die wetenschappen én algemeen onderzoek, steeds meer te weten over de manier waarop mensen dingen kunnen leren, en dat zegt wat over de vaak omschreven 10.000-uur regel of ‘talenten’.

10.000-uur regel

In het boek Piek gaan Anders Ericsson en Robert Pool in op de maakbaarheid van het menselijke lichaam en brein. De Zweedse psycholoog Ericsson is met name bekend van zijn onderzoek naar het ‘uitblinken’ in iets. Hij beweerde enkele jaren geleden dat individuele verschillen in prestaties verklaard kunnen worden door verschil in oefening. Vervolgens heeft schrijver Malcom Gladwell, in het boek ‘Uitblinkers’ (Gladwell, M. 2012), dit omarmt: Hij zag wel iets in de theorie dat training aan de basis ligt van genialiteit. Bij bedacht de ‘10.000-uur regel’. Sindsdien is het een veelgebruikte stelregel. Een stelregel die niet juist is, zo schrijft nu ook Ericsson: Gladwell heeft zijn oorspronkelijke onderzoek niet goed begrepen.

Mensen met talent

In zijn laatste boek gaat Ericson middels een breed scala aan voorbeelden en onderzoeken in op mensen die iets uitzonderlijks hebben gepresteerd. Voorbeelden zijn Wolfgang Amadeus Mozart en het schaakgezin Polgar. Dit zijn allen mensen waarvan is gezegd dat zij over talenten beschikken.. maar Ericsson ziet dit anders: allen zijn bezig geweest met ‘doelbewuste training’. Dit betekent dat zij niet niet simpelweg bezig geweest met het 10.000 uur herhalen van een oefenen (‘zesjescultuur’), maar doelbewust bezig zijn geweest om tot een hoger niveau te komen – en vaak nog wel meer dan 10.000 uur: een vioolspeler op topniveau zit vaak aan de 15.000+ uur. Het woord ‘doelbewust’ is hierin erg belangrijk: een zeer ervaren arts die al jaren een bepaalde operatie uitvoert, zal dit niet  perdefinitie beter kunnen dan een geneeskunde student die net is afgestudeerd. Sterker nog: Mensen die niet doelbewust met iets bezig blijven, kunnen soms zelfs relatief minder goed worden in iets – zo komt uit onderzoek naar voren, aldus Ericsson.

Doelbewuste training

Dat doelbewust trainen, wat is dat dan? Ericsson en Pool stellen dat doelbewuste training de volgende kenmerken heeft:

  • Doelbewuste training bestaat uit duidelijke, specifiek omschreven doelen. Deze doelen bestaan uit kleinere stappen die samen naar een groter doel toewerken.
  • Doelbewuste training is training waarbij je regelmatig feedback krijgt.
  • Doelbewuste training gaat over vaardigheden die dusdanig bekend zijn dat er mensen zijn die er goed in zijn en waarvoor trainingen zijn ontwikkeld.
  • Doelbewuste training is training waar je geconcentreerd mee bezig bent.
  • Doelbewuste training is training waarbij je uit je comfort zone treed (denk aan de zone van naaste ontwikkeling – Vygotski)
  • Doelbewuste training zorgt er voor dat je jezelf een mentale voorstelling kan maken van datgene wat je doet en wil bereiken. Je ziet dus duidelijk voor je waar je mee bezig bent.


Bron: http://www.sollicitatiedokter.nl/

Het verhaal van Ericsson en Pool gaat dan ook in tegen talenten. Mensen trainen vooral heel hard en doelbewust, ook Mozart, ook het gezin Polgar. Uiteraard kunnen factoren zoals extrinsieke motivatie en het lichaam wel een rol spelen: Een kind dat door zijn of haar ouders al jong leert kennismaken met basketbal zal waarschijnlijk meer affiniteit er mee hebben dan een kind die er niet mee is opgegroeid. Wordt zo’n kind dan ook nog eens 2m lang, dan is de kans wederom groter dat hij of zij een carriére met de sport zal opbouwen. In dit soort gevallen gaat het echter over opvoeding en het lichaam: Over de maakbaarheid van onze hersenen.  Niet over aangeboren talenten.

Piek

Taxichauffeurs die in Londen alle straten kennen, een fotograaf die in anderhalf jaar een golfer op hoog niveau wordt en mensen die een cijferreeks van 300+ cijfers kunnen onthouden: Allen hebben hier hard en doelbewust voor gewerkt, wat ook vaak terug te zien is in hersenscans. Het boek zet je aan het denken: Is het als school wel juist om het te hebben over het ‘ontdekken van je talenten’? Gaat het in het onderwijs niet eerder over het ‘ontdekken van je passie’ en het feit dat ‘iedereen alles kan leren’? Een interessant boek om te lezen en te spiegelen aan de eigen praktijk.

Over de schrijver

Wessel Peeters

Docent maatschappijleer en loopbaanbegeleiding, spelfanaat, gadgetfreak en alumnus master leren en innoveren. Actief bezig met onderwijsinnovatie: ik doe onderzoek, blog, verzorg workshops over onder andere gamification en formatief evalueren en ben actief in het ontwikkelen van onderwijsmateriaal zoals video's en activerende didactiek.

Laat een reactie achter

Pin It on Pinterest

Net als meer dan 1000 anderen wekelijks een nieuwsbrief ontvangen, met onze nieuwste artikelen
én interessante linkjes? Vul hier je gegevens in:
Je hebt je succesvol geabonneerd!