Vernieuwenderwijs

Blended learning in de praktijk – Deel 3: Het integreren van peerfeedback

Onderwijs geven kan op veel manieren: in een groep of individueel, fysiek of online, synchroon of asynchroon. Al die manieren vereisen een andere aanpak. Wanneer je ze op de juiste wijze weet te combineren, verrijk je de leerervaring van de student. Die combinatie heet blended learning. Maar wat is nu de beste blend en hoe ontwerp je die? Om daarbij te helpen staan in de serie ‘blended learning in de praktijk’ precies die vraagstukken centraal. In dit derde deel gaan we in op de vraag: “Hoe kan je op een zinvolle wijze peerfeedback integreren in je cursussen?”

De blended learning wave

In het eerste deel van deze serie zijn we ingegaan op het visualiseren van de leerreis van je studenten op een storyboard. Dit wordt ook wel de blended learning wave genoemd (zie figuur 1). Hiermee kan je de onderlinge verhoudingen van je leeractiviteiten gemakkelijk in kaart brengen en een logische volgorde van leren vaststellen. Ook in deze blog staat deze uitwerking centraal.


Figuur 1. De blended learning wave.

Het probleem: hoe faciliteer je effectieve feedback?

Feedback is een effectieve strategie om het leren van studenten te bevorderen. Met feedback geef je informatie over waar een student staat in zijn of haar leerproces en hoe ze verder kunnen om de beoogde leeruitkomsten te behalen. Het organiseren van feedback is echter een uitdagende taak, laat staan dat het soms veel tijd kost. Daarom is het zinvol om ook studenten onderling feedback te laten geven op elkaars werk. Studenten leren hierdoor beter reflecteren, te werken met beoordelingscriteria, en zelf feedback geven – een vaardigheid die vandaag de dag onontbeerlijk is de beroepspraktijk. Dit proces heet peerfeedback. Dit brengt echter twee uitdagingen met zich mee: a) hoe zorgen we ervoor dat de feedback die studenten geven ook van waarde is en b) hoe kunnen we deze processen ook buiten de contacttijd om laten plaatsvinden?

Het cyclisch proces van feedup, feedback en feedforward

Feedback heeft geen waarde als er niets is om feedback op te geven. Het startpunt zijn daarom altijd de beoogde leeruitkomsten. Daarbij speelt feedup een rol: waar werkt de student naar toe? Pas als dat duidelijk is, kan de feedback gegeven worden. Maar vervolgens moet er ook iets met die feedback gedaan worden. Dat noemt men ook wel de feedforward, oftewel: hoe komt de student naar de gewenste situatie? Dit cyclisch proces herhaalt zich vervolgens, totdat de student de beoogde leeruitkomsten heeft behaald.

Maar waar krijgt de student precies feedback op? Dat kan op vier niveaus: het taakniveau, het procesniveau, zelfregulatie en de eigen persoon. Vooral aandacht voor het procesniveau en de zelfregulatie leidt tot hogere leeropbrengsten, omdat je daardoor het denken van studenten stimuleert.

Figuur 2. Het cyclisch proces van effectieve feedback.

Waarom peerfeeback?

Uit onderzoek blijkt dat peerfeedback erg effectief is voor de leerprestaties, maar zeker niet altijd correct of volledig is (Hattie & Timperley, 2007). Degene die feedback geeft heeft namelijk relatief veel domeinkennis nodig omdat hij meer in de rol van expert gaat, maar deze kennis heeft hij of zij vaak niet. Doordat deze kennis vaak wordt overschat, is de feedback niet altijd effectief (Zundert, Sluijsman & Merriënboer, 2010). Waarom zou je werken met peerfeedback? Enkele voordelen (Nicol, 2011):

  • Actief leren — Wanneer studenten feedback krijgen van docent of medestudenten, hebben ze een passieve rol. Wanneer ze feedback geven hebben ze een actieve rol. Het formuleren van feedback is een ander cognitief proces dan het lezen van gekregen feedback.
  • Actief gebruiken van criteria — Bij het geven van peerfeedback moeten studenten actief oordelen over kwaliteit in relatie tot de criteria. Doordat zij dit moeten onderbouwen worden ze gedwongen na te denken over de criteria. Dit is effectiever dan kennisnemen van gedeelde criteria.
  • Wederkerigheid — Studenten worden leerbronnen voor elkaar. Ze lezen werk van elkaar en zien hoe andere studenten dingen aanpakken. Ze zien dat er niet één goed antwoord is, kwaliteit kent vele gezichten. Daarbij hebben studenten door het geven en krijgen van peerfeedback een verantwoordelijkheid naar elkaar. Ze zijn verantwoordelijk voor het beoordelen van het werk van anderen, maar ook het toepassen op hun eigen werk.
  • Domein-expertise — Door regelmatig te moeten oordelen over verschillend werk van verschillende studenten ontwikkelingen studenten een bredere kennis doordat ze de rol van de expert innemen.
  • Leren van elkaar — Wanneer studenten gewend raken aan het werken met peerfeedback, kan dit de sociale cohesie versterken en van de groep een leergemeenschap maken.
  • Zelfevaluatie versterken — Kritisch naar werk van anderen kijken is makkelijker dan kritisch naar eigen werk te kijken. Toch is het één en dezelfde vaardigheid. Wanneer studenten gewend zijn om te oordelen over werk en hierbij criteria te gebruiken, worden ze ook beter om kritisch te oordelen over eigen werk.

Training

Hoe geef je nu als student effectief feedback aan medestudenten? Om effectieve, valide en betrouwbare feedback te geven, hebben studenten duidelijke richtlijnen nodig. Daarom is het zaak studenten eerst te trainen in het geven en ontvangen van feedback, bijvoorbeeld door ze te laten oefenen met voorbeelden en het bieden van heldere beoordelingscriteria (denk aan gebruik van een rubric). Zorg ervoor dat je de resultaten uit de peerfeedback ook altijd met de studenten bespreekt. Doe je dit niet, dan bestaat het risico dat studenten het nut er niet van inzien.

*Jorieke Lidner heeft in 2017 een gratis training gepubliceerd voor effectieve peerfeedback. Download deze hier.

Hulp van ICT

Peerfeedback als werkvorm leent zich uitstekend voor blended learning. Er bestaan talloze tools om dit proces volledig te automatiseren, waardoor je slechts eenmalig een opdracht hoeft klaar te zetten en het systeem zorgt voor de rest. Het voordeel hiervan is dat het geven van de feedback door de studenten zelf online (vaak thuis) al wordt gedaan, waardoor er tijdens de bijeenkomst tijd vrijkomt om met elkaar de feedback te bespreken. 

Hieronder vind je twee voorbeelden in de blended wave. In het eerste voorbeeld in Figuur 3 staat het maken van een product centraal, waarbij de feedback op het product wordt gegeven (in dit geval een poster). Het tweede voorbeeld in Figuur 4 gaat om feedback op presentatievaardigheden. Door de presentaties van studenten asynchroon aan te bieden, win je bovendien veel tijd die je normaal kwijt bent aan het gezamenlijk bekijken van alle presentaties. Het spreekt voor zich dat het ook goed mogelijk is om peerfeedback te laten geven op elkaars competenties, bijvoorbeeld na het doen van een groepsopdracht. Let er wel altijd op dat de feedback besproken wordt, gericht op de feedforward. Oftewel: wat wordt er met de feedback gedaan?

Figuur 3. Peerfeedback op posters in de blended wave.

Figuur 4. Peerfeedback op presentaties in de blended wave.

Inzet van peerfeedback

Naast het trainen van studenten en de juiste inzet van ICT, zijn er ook vanuit onderzoek verschillende handvatten die helpen om peerfeedback nuttiger te maken. Zo geeft Esther van Popta (2019) vanuit haar onderzoek naar online peer feedback aan dat peerfeedback voor zowel de ontvanger en gever nuttiger is als de student die feedback geeft, dat doet met het volgende stappenplan:

A. Evaluatief oordeel: De leerling geeft een oordeel
B. Verbetersuggestie: De leerlingen geeft een verbetersuggestie; wat had de klasgenoot beter kunnen doen?
C. Verklaring: De leerling geeft een verklaring voor zijn oordeel of suggestie.
D. Theoretisch concept: De leerling gebruikt relevante theorie om zijn verklaring te onderbouwen.

Goed om bij het bovenstaande te benoemen is dat het bij feedback belangrijk is dat deze niet is gericht op de persoon, maar op het gedrag: daar heb je als student namelijk invloed, in tegenstelling tot het eerste. Meer hierover kun je hier lezen.

Meer lezen?

In Blended learning en onderwijsontwerp vind je onderwijskundige inzichten en daarop gebaseerde inzichten en voorbeelden om blended onderwijs te ontwerpen.

Meer info & bestellen

In 33 tips voor hbo-didactiek vind je wetenschappelijke inzichten en daarop gebaseerde didactische werkvormen en lestips voor motiverende en leerzame lessen. 

Meer info & bestellen

Barend Last

Barend Last (1986) begon als leerkracht in het basisonderwijs, waar zijn passie voor onderwijsinnovatie ontstond. Hij interesseerde zich vooral voor de vraag: ‘Waarom doen we eigenlijk wat we doen?’ en stroomde daarom door naar de wetenschappelijke wereld. Hij werkte onder meer als consultant, manager en onderwijsmaker in verschillende lagen van het onderwijs. Inmiddels werkt hij als onderwijskundig adviseur bij de Universiteit Maastricht. Hier houdt hij zich bezig met de implementatie van blended learning, met een focus zowel op goede inzet van ICT als het benutten van de fysieke onderwijsruimte. Barend is auteur van het in 2021 verschenen boek ‘Blended learning en onderwijsontwerp: Van theorie naar praktijk’.

Wessel Peeters

Mede-oprichter van Vernieuwenderwijs en onderwijskundige bij Buurtcollege Agora Maas en Peel. Daarvoor enkele jaren onderwijskundige in het HBO en negen jaar docent Maatschappijleer en Geschiedenis op het Vmbo en Havo. Praat graag over en is graag bezig met: didactiek, curriculumontwerp, toetsing, leren leren en veranderkunde. Actieve ontwikkelaar, onderzoeker en spreker.

Reageer

Geef een reactie

💡 Onze diensten

Wil je hiermee aan de slag en kun je hulp gebruiken? Als docenten en onderwijskundigen helpen we graag. Bekijk hier ons aanbod:

Ga naar →

Blijf op de hoogte!

Elke week dit soort artikelen & interessante linkjes ontvangen in onze nieuwsbrief?

Please wait...

Bedankt, je staat op onze mailinglijst!