Vernieuwenderwijs

5 manieren om groepsopdrachten te beoordelen

In groepen werken is een vak apart, waarbij leerlingen leren samenwerken, elkaar kunnen versterken, leren plannen, etc. Vaak vinden leerlingen dit erg leuk om te doen en gezamenlijk komen zij dan tot de mooiste producten. Soms loopt de samenwerking echter niet zoals gepland en is er hulp nodig. Hoe dan ook is samenwerken erg leerzaam en is het belangrijk om dit uiteindelijk eerlijk te beoordelen. Hoe kun je dat doen? In dit artikel op willekeurige volgorde 5 manieren om groepswerk te beoordelen.

Groepswerk beoordelen

Het beoordelen van groepswerk is niet makkelijk. Er komen vragen bij kijken als: wat wil je precies beoordelen (product, proces)? Wie beoordeelt? Hoe vindt de beoordeling plaats? Wanneer vindt de beoordeling plaats? Wat zijn de gevolgen van de beoordeling? Het is waardevol dit soort vragen, voor de start van samenwerking, met leerlingen te bespreken: groepswerk beoordelen is nu eenmaal lastig en er komt, meer nog dan bij een individuele beoordeling, veel bij kijken.

Peer feedback

Zet je bijvoorbeeld peerfeedback in; hoe wil je dit dan doen? Door bijvoorbeeld peer nominatie (noem de leerlingen uit je groep die het beste heeft gepresteerd), peer ranking (zet de groepsleden in volgorde van geleverde bijdrage) of peer rating (plaats alle groepsleden in een schaal)? Er zijn veel mogelijkheden. Een handige tool om dit proces beter vorm te geven, is een rubric: die maakt het voor zowel de beoordelaar als de beoordeelde duidelijk waar je naartoe moet werken en waar je staat. Tijdens het proces is daarbij de single-point-rubric (Rubric van één) ook erg nuttig. Vervolgens is natuurlijk wel de vraag: hoe komt je dan aan het cijfer voor iedere leerling? Hieronder volgen enkele manieren.

1. Groepscijfer: iedereen krijgt hetzelfde cijfer

Er wordt geen onderling verschil gemaakt: alle leerlingen krijgen hetzelfde cijfer. Het voordeel hiervan is dat leerlingen samen verantwoordelijk zijn voor hun prestatie en dus écht een team moeten vormen. Echter, in de praktijk zie je vooral dat gewenst gedrag wordt ontmoedigd (harde of beter georganiseerde werkers worden niet beloond) en ongewenst gedrag (meeliften) wordt juist wel geaccepteerd en beloond.

2. Individueel cijfer op basis van verdeling groep

De leerlingen krijgen een aantal punten gebaseerd op het cijfer van de groep x het aantal leerlingen, bijvoorbeeld: een groep krijgt een 7 x 4 leerlingen = 28 punten. Vervolgens kunnen de leerlingen deze punten verdelen op basis van wat zij eerlijk vinden op basis van ieder zijn of haar bijdrage. Hierbij kun je als docent om een onderbouwing vragen en waar nodig input óf bonuspunten geven (als de samenwerking bijvoorbeeld niet goed verliep of een leerling heeft uitzonderlijk gewerkt), maar onze ervaring is dat leerlingen dit vaak erg goed zelf kunnen: zij weten immers vaak het beste hoe zij onderling hebben samengewerkt.

3. Individueel cijfer op basis van groepsproduct + individuele bijdrage

Alle leerlingen leveren, als onderdeel van een groepsproduct, een individueel product in. Denk hierbij bijvoorbeeld aan een werkstuk waarbij de leerlingen de verschillende hoofdstukken hebben gemaakt: zij krijgen dan een cijfer voor het product als geheel en dit kan worden verhoogd (of gemiddeld) door hun eigen bijdrage. Deze vorm doet meer recht aan de individuele verschillen, maar het lastige hieraan is dat het lastig te bepalen is in hoeverre de individuele taak meer of minder werk is geweest dan de bijdrage aan de groep, wat de weging lastig maakt.

4. Individueel cijfer op basis van groepsproduct + individueel product

Alle leerlingen leveren, naast een groepsproduct, een individueel product in. Denk hierbij bijvoorbeeld aan een werkstuk waarbij de leerlingen ook een reflectieverslag inleveren, wat dus los staat van het groepsproduct. Hierbij is het dan, evenals bij de bovenstaande manier, belangrijk om te kijken hoe het werk van het individuele product zich verhoudt tot de bijdrage aan de groep: een goed reflectieverslag zou een minimale bijdrage aan het product niet te veel mogen rechttrekken.

5. Individueel cijfer op basis van bijdrage aan groepsproduct

In dit geval is het groepscijfer voor het product voor ieder groepslid gelijk, maar worden onderlinge verschillen door de docent bepaald op basis van diens inschatting van de individuele bijdragen, eventueel aangevuld met informatie uit resultaten peerfeedback.

 

Op welke manier beoordeel jij groepsopdrachten van leerlingen? We zijn benieuwd naar jullie ervaringen en ideeën!

 

Wessel Peeters

Wessel Peeters

Onderwijskundige bij de Pabo en toegepaste psychologie, docent maatschappijleer en coördinator in het voortgezet onderwijs. Alumnus master leren en innoveren. Veel bezig met en praat graag over curriculumontwikkeling, leerstrategieën, leermythes, effectieve didactiek en leernetwerken. Mede-oprichter van Vernieuwenderwijs.

Reageer

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

✏️ Artikel plaatsen

Ook een artikel plaatsen op Vernieuwenderwijs? Maak dan je eigen account aan:

Registreren →

📧 Nieuwsbrief

Ontvang wekelijks onze nieuwsbrief met onze nieuwste artikelen én interessante linkjes.

Please wait...

Bedankt, je staat op onze mailinglijst!

💡 Meer weten?

Als docenten en onderwijskundigen bieden we actieve workshops, inspirerende lezingen en innovatietrajecten. Bekijk onze diensten voor meer informatie!

Ga naar →